Coronavirus (COVID-19) informatie en genomen maatregelen in Drenthe. Lees meer.

Koloniën van Weldadigheid

UNESCO werelderfgoed 
200 jaar geleden, in 1818, richt Johannes van den Bosch de Maatschappij van Weldadigheid op. Arme gezinnen, bedelaars en zwervers kunnen gaan werken in één van de Koloniën van Weldadigheid. Ze krijgen een eigen woning en een stukje grond om te bewerken. Een hard bestaan. Door middel van arbeid en scholing wordt de Kolonisten discipline bijgebracht, zodat ze na verloop van tijd in hun eigen onderhoud kunnen voorzien. Het grootste oppervlak van de Koloniën van Weldadigheid ligt in Drenthe, in Veenhuizen, Fredriksoord en Wilhelminaoord. Maar er zijn ook Koloniën in Willemsoord en Ommerschans in Overijssel en in Wortel en Merksplas in Vlaanderen. 

Het bijzondere verhaal en het unieke landschap dat eruit voortkwam leidden tot de UNESCO werelderfgoed status. In juli 2021 hebben de Koloniën in Veenhuizen, Frederiksoord, Wilhelminaoord en Wortel (België) deze status ontvangen.

Vrij en onvrije koloniën

In totaal richt de Maatschappij van Weldadigheid zeven Koloniën op. Vier daarvan zijn voor armen die vrijwillig voor het Koloniebestaan kiezen. In de overige drie worden bedelaars en landlopers opgenomen. De onvrije koloniën zijn grote en dichtbevolkte gestichten, waar men dag en nacht onder bewaking staat. De bewoners zijn eigenlijk gevangenen.

Tentoonstelling gevangenismuseum

Proefkolonie Frederiksoord

Frederiksoord is de plek waar het bijzondere verhaal van de Koloniën van Weldadigheid is begonnen. Hier werden de eerste koloniehuisjes gebouwd, waar arme gezinnen uit de grote steden de kans kregen op een beter bestaan. Het was best een lange reis, men was zo maar drie dagen onderweg. Maar armoe in de steden was ook geen pretje. En de belofte van een eigen huisje, werk en scholing voor de kinderen zorgden in de eerste jaren van het bestaan van de Koloniën zorgden voor behoorlijk wat vrijwillige aanmeldingen. 

Meer over Frederiksoord
Een stel loopt tussen de koloniehuisjes in Frederiksoord door.

Pauperkolonie Veenhuizen

Het was best een hard bestaan, het leven van de kolonisten in Drenthe. Het was hard werken op het land, de dagindeling werd voor je bepaald, je was verplicht om naar de kerk te gaan en je was ook nog eens mijlenver van je familie verwijderd. Bovendien werd je bij terugkeer in je oude woonplaats met minachting begroet. Niet zo gek dus dat de vrijwillige aanmeldingen na enige tijd uitbleven. De Maatschappij van de Weldadigheid ging daarom over naar gedwongen opnamen. Vanuit de grote steden werden armen en wezen onder andere naar Veenhuizen opgezonden.

Meer over Veenhuizen
Een gezin loopt door de poort van het Gevangenismuseum in Veenhuizen.

Blijf op de hoogte

Ontvang maandelijks de leukste tips en inspiratie uit de Oerprovincie van Nederland.

Schrijf je in!