Nadat in juli 1824 tussen de koninkrijken van Nederland en Hannover de definitieve grens was vastgelegd in een grenstraktaat, werd de grens aa…
Nadat in juli 1824 tussen de koninkrijken van Nederland en Hannover de definitieve grens was vastgelegd in een grenstraktaat, werd de grens aangegeven middels grensstenen en -palen. Voor de markering van de grens waren in totaal 203 hoofdstenen nodig, maar voor zover bruikbaar werden oude stenen gehandhaafd. De stenen moesten gehouwen worden uit een Bentheimer steengroeve en werden voorzien van de letters H(annover) en N(ederland), het jaartal 1824 en een steennummer. Het grensgebied tussen Nieuw-Schoonebeek en Münster, de zogenaamde Twist, werd aangegeven met stenen 155 tot en met 159, die in augustus 1825 werden geplaatst. De grenspalen stonden zowel aan de Nederlandse als aan de Duitse zijde. De grensstenen 151 tot en met 156 werden geplaatst langs het Schoonebeekerdiep of de GrenzAa. Tussen de grensstenen 156 en 157 moest een grenssloot worden gegraven, die nog steeds de landsgrens tussen Nederland en Duitsland vormt. Jaarlijks vanaf 1826 werden de grensstenen geschouwd door een commissie bestaande uit leden van beide zijden van de grens.