De grens tussen Nederland en Duitsland zoals we die nu kennen werd pas in 1824 in een grenstraktaat vastgelegd. Daarbij kwamen zes booën van Schoonebeeker boeren op het grondgebied van het Koninkrijk Hannover terecht. Het ging om de booën van Harmen Mages, Jan Mages, Jan Poppen, Berent Scholten, Jan Holties en de zuidelijk gelegen Hankenboo. De eerste vijf booën lagen in het gebied dat we nu kennen als Zitterdell bij Twist.
Het Taterbroek of de Twist was het zuidelijke gedeelte van het Bourta…
De grens tussen Nederland en Duitsland zoals we die nu kennen werd pas in 1824 in een grenstraktaat vastgelegd. Daarbij kwamen zes booën van Schoonebeeker boeren op het grondgebied van het Koninkrijk Hannover terecht. Het ging om de booën van Harmen Mages, Jan Mages, Jan Poppen, Berent Scholten, Jan Holties en de zuidelijk gelegen Hankenboo. De eerste vijf booën lagen in het gebied dat we nu kennen als Zitterdell bij Twist.
Het Taterbroek of de Twist was het zuidelijke gedeelte van het Bourtanger moeras, gelegen tussen Schoonebeek, Hesepe, Rühle, Ringe en Scheerhorn. Het gebied zou de naam Taterbroek hebben gekregen, omdat het in de 16e eeuw gediend zou hebben als schuilplaats voor zigeuners (Tatern). De naam Twist was afkomstig van het oud-germaanse woord ‘twist(el)’, dat gebruikt werd voor een gebied waar een tweetal waterstromen samenkwamen in de vorm van een vork. We zien het ook terug als ‘twist’, zijnde twijg of gevorkte tak. Het woord ‘twist’ in de zin van strijd heeft dezelfde achtergrond, want ook daarbij gaat het om een tweespalt van meningen. In dit gebied gaat het om de samenkomst van de Noorder- en Zuiderstrang, die samen verder gingen als het Schoonebeekerdiep of GrenzAa.
Door de aanhoudende strijd vanaf 1760 tussen de Schoonebeeker boeren en de Münsterse kolonisten over het gebruik van de gezamenlijke gronden in het zogenaamde Taterbroek of de Twist, besloten de Schoonebeekers die booën in het kwestieuze gebied hadden liggen dat zij deze wilden verkopen. Het was wel duidelijk dat de Münstersen het hele gebied in gebruik wilden nemen en dat de Schoonebeeker booën op het Münsterse territoir een sta in de weg waren. De kolonisten van Rühlertwist vernielden de dijkjes rondom de booën, zodat deze onder water kwamen te staan en ongeschikt werden. De situatie werd steeds onhoudbaarder. Er moest een einde komen aan het gemeenschappelijk gebruik van de Twist door de boeren van Schoonebeek, Hesepe en Rühle, met name door het ontstaan van de nieuwe ontginningsdorpen Adorf en Hesepertwist. In 1790 verzochten de Schoonebeekers aan Ridderschap en Eigenerfden van Drenthe om over te gaan tot een definitieve scheiding in de Twist en een schadevergoeding uit te keren. Ze vroegen of ze hun booën en vee mochten verplaatsen naar een ander deel van de Schoonebeeker marke.
Maar het liep anders. In 1793 voerden de eigenaren van de Schoonebeeker booën in het Münsterse gebied een proces tegen de overige Schoonebeekers. In goed overleg werd besloten dat de eigenaren van de Münsterse booën hun booën en aandeel verkochten aan de overige markegenoten en dat zij ter compensatie ƒ 2.200 per 12 dagwerken kregen uitgekeerd. De landerijen van alle booeigenaren werden daarna opgemeten en afhankelijk van de hoeveelheid die iedere Schoonebeeker boer in de marke gebruikte voor zijn boo moest hij meer of minder compensatie betalen. De bedragen varieerden tussen ƒ 1.000 en ƒ 4.000. En dat was ook het einde van de Schoonebeeker marke, want de gezamenlijke gronden werden daarna door een landmeter gescheiden en aan de boeren toegewezen. Er bleef één vraagstuk over en dat was de noordelijke grensscheiding met de markegenoten van Zuid- en Noordbarge. Daarover werd in mei 1838 een uitspraak gedaan door het Hoog Gerechtshof in Den Haag.
Na de markescheiding bleven nog een aantal kleine stukjes grond in eigendom van de gezamenlijke markegenoten van Schoonebeek. Die lagen echter in het centrum van het dorp naast de Nicolaaskerk. Die grond werd in 1860 door de marke ter beschikking gesteld voor de bouw van een nieuwe school. Rond 1885 ging deze grond in eigendom over naar de gemeente Schoonebeek.